1 augustus 2005 – Dartmouth naar Falmouth
Wind: WNW-3
Afstand: 65 mijl
Weer: Zonnig
Om 6:00 uur vertrokken. Toen we om Dartmouth heen waren, gaf Max (navigatieprogramma Max Sea) aan dat we met 55 mijl nog 7,5 uur te gaan hadden. Het was niet te bezeilen, dus hebben we de motor aangezet met het grootzeil erbij.

Aangezien de golven op zich wel meevallen, kun je tijdens het varen binnen het een en ander doen. De stuurautomaat staat ingesteld op de juiste koers naar Falmouth, terwijl Imre buiten een oogje in het zeil houdt en tussendoor een boek leest.
Binnen is Esther bezig met het bijwerken van het logboek en zoekt ze uit hoe de radar precies werkt. Het weer is uitermate geschikt om goed te oefenen (goed zicht, geen regen en een rustige zee). Het is namelijk zo dat de radiogolven ook door regendruppels en watergolven worden weerkaatst, wat een vertekend beeld kan geven op het radarscherm. Aangezien het nu heel helder is, kun je precies zien welke stipjes op de radar overeenkomen met welke boot.
Onderweg werden we gebeld op onze satelliettelefoon door onze fanatieke zakenwaarnemers met het geweldige nieuws dat er huurders zijn voor ons appartement! Weliswaar voor vijf maanden, maar we zijn er ontzettend blij mee. Martin en Marijke, bedankt voor alle tijd die jullie erin hebben gestoken!
Toen we Falmouth in zicht kregen, zagen we dit prachtige plaatje: grote cumuluswolken die precies boven het land hingen. Deze worden veroorzaakt door de verwarming van het aardoppervlak en de daarmee gepaard gaande verdamping van waterdamp uit de bodem. ’s Avonds verdwenen deze wolken helemaal.
Om 18:00 uur kwamen we aan in Falmouth, toch wel met de kriebels in onze buik. Dit is dé plek waarvandaan iedereen vertrekt voor een grote oversteek. Nu komt onze eerste oversteek ineens heel dichtbij! De komende dagen zullen we gebruiken om te fourageren, water en diesel te tanken, en achter een nieuwe ankerlier aan te gaan. En dan is het wachten op goed weer!

2-3 augustus 2005 – Falmouth
De havenmeester had ons een adresje gegeven waar we naar de ankerlier konden laten kijken. Met de boot naar Mylor, 3 mijl verderop, maar helaas was de engineer al naar huis. Toen we weer naar onze mooring wilden (een blok beton op de bodem met een lijn naar een boei, waar je alleen een landvast aan hoeft te leggen), bleek bij het losgooien van de boot dat de gashendel niet meer werkte. Gelukkig stond er iemand op de steiger die snel de naar hem toegegooide landvast greep.
Nou, op naar de volgende uitdaging. Gelukkig hebben we natuurlijk onze eigen engineer aan boord, en al snel werd vastgesteld dat het om een breuk in de gaskabel ging. Geen paniek, dat komt goed. Fijn.
Een bijkomstigheid was dat onze splinternieuwe dinghy nog aan de mooring lag. We dachten snel terug te zijn, want anders verlies je je al betaalde plaatsje. We probeerden nog een lift te krijgen, maar blijkbaar had ik mijn charmes niet genoeg in de strijd gegooid. Wel werd ons verzekerd dat de dinghy er de volgende dag nog zou liggen (wat betreft mogelijke diefstal).
De volgende ochtend gingen we naar de werkplaats voor een nieuwe gaskabel. Toen we aankwamen, werd meteen geroepen: “We’re fully booked.” Prima, we wilden alleen weten of de kabel op voorraad was.
De engineer voor de ankerlier kwam tot dezelfde conclusie als wij: de motor was doorgebrand en de ankerlier zat door corrosie zo vast dat hij alleen nog met slopen los te krijgen was. Gezien de tijd adviseerde hij om dit in Spanje verder te laten bekijken.
Het vervangen van de gaskabel is normaal gesproken niet zo’n moeilijk karwei, maar op onze boot liep de kabel door een smal pijpje van de stuurstand. Dat zorgde ervoor dat het klusje toch nog wat tijd en gevloek kostte. Maar het resultaat mocht er zijn, want de motor deed weer wat hij moest doen.

Op naar onze mooring, met de verrekijker paraat om de dinghy zo snel mogelijk te spotten. Hij lag er nog, gelukkig.
We hadden het weer goed in de gaten gehouden, en eigenlijk zag het er zo gunstig uit dat we het plan hebben om morgen te vertrekken (zeker nu we besloten hebben om de ankerlier in Spanje te laten regelen). Wel hadden we nog een hoop te doen, dus gingen we met de dinghy naar de aanlegplaats. Onderweg zagen we een zeilboot liggen die ons wel bekend voorkwam. We voeren ernaartoe, en het bleken mensen te zijn die ook uit Lelystadhaven komen en dezelfde reisplannen hebben.
’s Avonds kwamen André en Esther bij ons op de boot langs, en we hebben een gezellige avond gehad. Zij blijven nog een paar dagen liggen vanwege werkzaamheden aan hun boot.
4-8 augustus – Golf van Biskaje
Het is zover! Om 9:00 uur vertrokken we voor de oversteek van 435 mijl, koers 200 graden, non-stop naar La Coruña (Spanje).
Tijdens het eerste uur deden zich meteen een paar problemen voor. Zowel de stuurautomaat als de windvaanstuurinrichting werkten, heel toevallig, tegelijkertijd niet meer. Gelukkig waren we inventief genoeg om dit redelijk snel op te lossen.
Toen we de GRIB-files (aan Max Sea gekoppelde software waarmee je windvoorspellingen voor de komende dagen kunt ophalen) binnenhaalden, zagen we dat er voor de komende dagen veel wind werd voorspeld in het Finisterre-gebied (west/noord Spanje). Aangezien we daar pas over drie dagen zouden aankomen, hoopten we dat het tegen die tijd wel zou meevallen.
Om 16:00 uur ontvingen we echter een Navtex-bericht met een near gale-voorspelling (windkracht 7) bij de Scilly-eilanden. Deze zware wind was eerder niet voorspeld en ook niet af te leiden uit de weerkaarten, wat voor ons een onaangename verrassing was. We besloten onze koers van 170 graden aan te houden om zo ver mogelijk van de Scilly-eilanden vandaan te blijven, en wisselden de genua voor de high aspect fok.
Tot ongeveer 22:00 uur hadden we een matige ZW-wind, maar daarna begon het harder te waaien, kracht 5 uit dezelfde richting. Het werd echt een ruige nacht. Imre begon de nacht op dek, en toen ik om 00:00 uur boven kwam (na geen oog dicht te hebben gedaan), was de hele zee wit van de schuimkoppen. We besloten de verdere nacht samen aan dek te blijven. De golven waren hoog en onstuimig, en we hadden die nacht constant wind tussen de 25-30 knopen, met pieken van 35 knopen (beginnende windkracht 8).
We voeren precies op een boei af die het verkeersscheidingstelsel bij Brest aangaf en probeerden er al kruisend langs te komen. De volgende ochtend bleek dat we door stroming en tegenwind nog steeds op dezelfde plek zaten. Imre was inmiddels uitgeschakeld door heftige zeeziekte.
Op de Navtex kregen we bericht dat er voor de komende dagen in de hele Golf van Biskaje veel wind was voorspeld. We zagen het niet zitten om nog meer dagen en nachten in dit ruige weer door te brengen. Ik besloot (want Imre was niet meer aanspreekbaar door zijn zeeziekte) om terug te keren naar Falmouth. Het voelde extreem onbevredigend om daar ’s avonds laat bekaf aan te komen en niks te zijn opgeschoten.
Toen we op 30 mijl afstand van Falmouth waren, begon Imre gelukkig weer een beetje bij te komen. De wind was minder, en na het laatste weerbericht (dat een stuk positiever was dan het vorige Navtex-bericht) bekeken te hebben, besloten we opnieuw om te draaien en koers te zetten naar La Coruña.
Tot dat moment was ik, dankzij de pleister achter mijn oor, vrij van zeeziekte gebleven. Maar na het wisselen van de high aspect fok voor de genua werd ook ik zeeziek. Je zou denken dat je na verloop van tijd ‘ingeslingerd’ raakt, maar helaas: dat gebeurt pas echt als je weer vaste grond onder je voeten hebt.
We hadden een rustige nacht, met helder weer, geen maan en onvoorstelbaar veel sterren. Verder gebeurde er niets spannends. Om 04:00 uur bereikten we het punt waar we de vorige dag besloten hadden terug te keren.

6 augustus
Overdag hadden we weinig wind en hebben we 24 uur gemotord. Mooi de tijd om de ravage in de boot op te ruimen. Er was een krat vol boeken uit de punt gevallen in de natte cel, waar we tijdens een nachtelijk toiletbezoek op een natuurlijk volle fles douchespul zijn gaan staan en deze hebben leeggetrapt. Ons (dachten we perfect gemonteerde) fruitnetje had het begeven, en het fruit had urenlang de kans gehad om zich tegen het interieur te spletten. Er was een fles wijn kapot en diverse plekken moesten ontdaan worden van daar gedeponeerd braaksel. Kortom, we bleken alles toch niet zo stormvast te hebben als dat we dachten.
Wat ons ook nog zo’n 5 mijl heeft beziggehouden, waren enorm veel houten balken van 1,5 meter die her en der verspreid dreven. Later kwamen we een grote lege pallet tegen, zeker een pallet met balken dat van een schip is afgevallen.
’s Avonds bereikten we de Golf van Biskaje-rug. Hier loopt de buitenrand van het continentale plat steil af naar de veel diepere oceaanbodem. De diepte loopt hier in 25 mijl van 107 meter naar 4560 meter! Dankzij rustig weer hebben we daar gelukkig niets van gemerkt.

7 augustus
’s Nachts werd het tijdens de dienstwisseling om 3:00 nog even spannend toen we over de plek kwamen waar de directe scheepvaartroute vanaf Kaap Finisterre zich splitst naar Brest of het Kanaal. Het ging een hele tijd goed en we zagen alle schepen mooi bak- en stuurboord van ons voorbijgaan, maar toen we steeds dichter bij de scheiding kwamen, werd het erg onoverzichtelijk. We hielden de radar goed in de gaten en besloten tussen een containerschip en twee kleine witte lichtjes (die niet op de radar te zien waren) door te varen.
We kwamen wel erg dicht langs dat grote schip, want ze begonnen met felle lampen op ons te schijnen. Na een aantal spannende manoeuvres gingen we snel van deze lijn af. Nu zagen we de grote schepen nog acht mijl aan stuurboord.
In de ochtend kregen we ideale wind uit het oosten, kracht 4. Heerlijk gezeild, maar vanwege de dan opkomende zeeziekte konden we niet veel meer doen dan alleen zeilen. ’s Avonds trok de wind aan tot kracht 6 met vlagen van 7 en werd het weer pittig. Gelukkig hadden we een ruime windse koers, waardoor het goed uit te houden was, en we hebben onze normale diensten kunnen handhaven. Imre begon om 21:00, ik nam het om 0:00 over, Imre weer om 3:00 en ik om 6:00. De rest van de dag wisselden we elkaar af.
We kregen nog een opmerkelijk navtex-bericht: “Spain NW coast, Two Whales about four metres long adrift, in vicinity psn: 44-57.8N 008-56.5W.” Dit was ten westen van ons, dus we hoopten ze niet tegen te komen.
8 augustus
Rond 12:00 viel de wind helemaal weg en hadden we nog zo’n 50 mijl te gaan. Toen we dichter bij de kust kwamen, zagen we kleine vinnetjes aankomen: dolfijnen! Ze zwommen wel een uur lang voor onze boeg uit. Dat was echt geweldig! De vorige avond hadden we er al twee gezien, heel even boven water uitkomend, en daar waren we al heel blij mee, maar dat ze zich de volgende dag in zulke grote getalen zouden laten zien, hadden we niet durven dromen. Het mooie was dat het water spiegelglad was, dus we konden ze heel goed zien. Op een gegeven moment waren het er wel 10-15 en ze gingen onder de boot door en speelden met elkaar. Dan zag je er weer een paar van een hele afstand aankomen en mooie sprongetjes maken boven water. Ons geluk kon niet meer stuk!

Land zagen we pas op het laatste moment, want het was erg mistig. Om 19:00 lagen we weer vastgemaakt in de haven. Heerlijk. We waren echt kapot, alle spieren waren stijf. Het was een bijzondere ervaring. De dagen gingen opmerkelijk snel, geen averij gehad, geen regen, maar we waren weer erg blij om land onder onze voeten te voelen. Het gevoel van helemaal alleen met zoveel water om je heen viel eigenlijk wel mee. Dit komt ook omdat je per dag wel een schip tegenkomt, en ik denk dat je het je gewoon niet kunt (of wilt) voorstellen. Soms zag je wolken die altijd voorkomen boven land en dacht je ook gewoon: daarachter is land, terwijl je er 150 mijl van verwijderd was.
De laatste uren voordat we aankwamen, zaten we ons al lekker te maken met het idee van een hamburger. Dat gingen we dus ook doen. Na eerst het zoute water van ons afgespoeld te hebben, op naar McDonald’s! Om 23:00 slapen, en de volgende ochtend om 11:45 wakker geworden.
9 augustus 2005 – La Coruna
La Coruna blijkt een leuke, gezellige en grote stad te zijn. Er zijn genoeg leuke dingen om te doen, maar er is eerst werk aan de winkel. Imre gaat op zoek naar een nieuwe ankerlier. Na een lange zoektocht komt hij aan het einde van de dag bij de watersportzaak “Pombo”. De eigenaar had toevallig nog een 1000-watt lier liggen en als we contant betaalden, kon hij wel een leuk prijsje maken. De lier paste niet precies op de gaten in het dek die er achter zouden blijven na het verwijderen van de oude lier, dus we besloten er nog even over na te denken. ’s Avonds tapa’s gegeten en door de stad geslenterd.
10 augustus 2005 – La Coruna
We hebben als eerste boodschappen gedaan en een grote ijzerzaag gehaald om de oude lier te demonteren. Na een half uurtje zagen was de as van de lier doormidden en kon de lier eraf gehaald worden. Het leuke bij dit soort klusjes is dat je altijd de aandacht krijgt van iedereen in de haven, die een praatje komt maken en goedbedoelde adviezen geeft. Imre heeft nog verschillende pogingen gedaan om een beter passende lier te vinden, maar al deze pogingen liepen op niets uit omdat het of veel te lang zou duren of veel te veel zou kosten. Hij kreeg hierbij veel hulp van Alex, de havenmeester.

We konden gebruikmaken van de internetverbinding op het havenkantoor en Alex stond telefonisch de Spaanse ankerlierleveranciers te woord. Alex was een Engelsman die op weg naar de Azoren in zijn Folkboat (klein kajuitzeiljachtje) door zwaar weer werd overvallen. Geteisterd door zeeziekte week hij uit naar Spanje, waar hij nu al een tijdje woonde op zijn kleine bootje om de Spaanse taal te leren. Intussen werkte hij op het havenkantoor. Uiteindelijk zijn we toch maar naar Pombo gegaan om de lier te kopen. Met een zielig verhaal hebben we nog € 100,- van de prijs af weten te krijgen. Alex had een mannetje geregeld dat aan de hand van Imre’s tekening een rvs-plaatje kon fabriceren om de lier passend over de oude gaten te monteren.

11 augustus 2005 – La Coruna
Om 12:30 werd het rvs-plaatje afgeleverd, dus konden we aan de slag. Na een paar uurtjes werk zat de lier er prachtig op. We wilden er ook gelijk vandoor, want we hadden nu wel weer genoeg van de dure havens. Na het havengeld te hebben afgerekend bij een chagrijnige Spaanse havenmeester, gingen we ervandoor. We hebben eerst nog even diesel getankt bij een andere haven en toen aan de overkant van de ria ons anker uitgegooid. Het was een prachtig plekje en het was heerlijk om weer voor anker te liggen.
12 augustus 2005 – La Coruna naar Ria de Corme
Met de noordoostenwind die voor de komende dagen voorspeld was, konden we van ria naar ria zeilen, en dat was dan ook het plan. Wetend dat de Portugese kust een stuk minder mooi is, willen we over dit stuk Spaanse kust lekker lang doen. Aan het einde van de middag kwamen we aan in Ria de Corme. We gingen hier voor anker voor het stadje Corme, maar dit ging niet voorspoedig. Omdat het hier nogal vol lag met andere boten, moesten we ons anker in vrij diep water uitgooien en bleek al snel dat het anker niet hield. Toen we het anker weer ophaalden, bleek er een complete viskorf aan te hangen. We besloten nog even verderop te kijken en vonden daar een heerlijke rustige plek voor het strand.
Als maaltijd hebben we broodjes hamburger gegeten en voor de rest lekker gelezen en geluierd in een geweldige ambiance van bergketens, witte strandjes, ruige rotspartijen en knusse Spaanse stadjes. Dit is het leven zoals wij ons dat voorstelden voor ons jaar weg!
13 augustus 2005 – Ria de Corme naar Ria de Camarinas
Vandaag weer met de krachtige noordoostenwind naar de volgende ria gezeild. Het was een rustige zeiltocht van een mijl of twintig, zodat we lekker op tijd aankwamen in Ria de Camarinas. Nadat we de boot voor anker hadden gelegd, hebben we de bijboot opgepompt. We hadden inmiddels voldoende vertrouwen in ons anker, zodat we de boot (ook met deze pittige wind) onbemand durfden achter te laten. We hebben de dinghy in het dorpje vastgeknoopt en zijn van daaruit een heerlijke wandeling gaan maken langs boerenweggetjes, over witte strandjes en door beboste heuvels.

Om bij te komen van de lange wandeling hebben we een biertje gedronken op een terrasje. Na het inkijken van de menukaart vonden we dat we het voor die prijs niet konden laten om een heerlijke plate te bestellen. Omdat 19:00 uur voor de Spanjaarden een rare tijd is om te eten, moest er even geïnformeerd worden of het wel kon. Het bleek te kunnen, en we kregen een maaltijd die absoluut geen culinair hoogstandje was, maar ons toch lekker smaakte en onze buikjes vulde. Op de terugweg met onze dinghy raakte het benzinetankje leeg. Gelukkig hadden we een reserve bij ons, want terugroeien bleek tegen deze wind een onmogelijke opgave.
14 augustus 2005 – Ria de Camarinas
Vandaag is er voor Finisterre windkracht 7 voorspeld, dus we blijven liggen. Voor het eerst zelf brood gebakken (beetje smakeloos, volgende keer meer zout) en Imre heeft de zonnepanelen geplaatst. Verder op de boot gebleven.
15 augustus 2005 – Ria de Camarinas naar Ria de Muros
Volgens de grip-files staat er voor Kaap Finisterre 30 knopen wind. Dit is ons enige weerbericht aangezien de navtex het in Spanje vlak aan de kust niet doet. Om 10:00 besluiten we toch te gaan. Dat bedenken nog drie andere boten, en samen gaan we op de kaap af. Zodra we op zee waren, stond er inderdaad een hele bak wind, noordoost 30 knopen. Ruime wind met alleen een gereefde genua. Samen met de enorme golven kwamen we zo op 7,5 knoop snelheid (gps). Onderweg zagen we tussen de witte brekers door dolfijnen, echt geweldig.

De kust bestaat uit rotsachtige bergen, altijd een beetje heiig (het land is warm, dan komt er koude zeewind overheen en gaat de lucht condenseren, dat is onze theorie). Als we dichter bij de kaap komen, wordt de wind minder en kunnen de zeiljassen uit, bikini aan en wordt de bimini (zonnetent) voor het eerst uitgerold. Tussen de rotsen door komen we de Ria de Muros binnen en vinden tegenover het dorpje een mooie ankerplaats.
Imre vertrouwt alleen de bodem niet. Op de kaart zou er op deze plek zand moeten zijn, maar we zien een erg rotsachtige kant. Hij besluit om met de snorkel te gaan kijken wat de bodem precies is. Echt een bikkel, want het water is ijskoud. Ondertussen bereidt Esther een pastamaaltijd en trekt een fles wijn open. Nu we de kaap gerond hebben, komt de noordoostenwind van over land en is hij heerlijk warm. Tot diep in de nacht zaten we in de kuip met een t-shirt aan, dat is pas zomerweer!
16 augustus 2005 – Ria de Muros
We besluiten een dagje te blijven liggen. Muros is een pittoresk klein vissersdorpje, er is wel een haven met plaatsen voor de “visitors”, maar in de pilot stond al dat deze in de loop van de tijd geheel in gebruik is genomen door de plaatselijke vissersboten. Dit was echter wel een mooie plek om de dinghy kwijt te kunnen. Na het plaatsje verkend te hebben, gingen we benzine tanken voor de dinghy. We sleepten hem het strand op en Esther bleef bij de dinghy terwijl Imre even naar de pomp ging. Na een uur kwam hij terug, en het bleek dat hij een half uur aan de overkant van de ria had staan zwaaien zodat ik hem daar zou ophalen. Helaas niet opgemerkt.


’s Middags ondanks het koude water toch gaan snorkelen. Bij de ankerplaats lagen een paar rotsen die het bekijken waard waren. Jammer dat het water nog zo koud is, want je houdt het niet erg lang uit. Tijdens het eten van onze pizza’s waren ze in het dorpje al behoorlijk aan het knallen. Dit vuurwerk deed ons vermoeden dat er wel wat te beleven viel. Toen we naar de kant gingen, werden we getrakteerd op een optocht en een optreden van de band “Plato”. Leuk om te zien hoe de dorpbewoners uit hun dak gingen op het dorpsplein.

Hoewel we met windstilte gingen slapen, werden we ’s nachts wakker van flinke windvlagen. Toen Imre aan dek ging kijken, was hij nog net op tijd om diverse uithangende kledingstukken van de verdrinkingsdood te redden, maar helaas was het voor de shorty (duikpak) te laat. Dat was balen.
17 augustus 2005 – Ria de Muros naar Villagarcia
Nadat Imre in de bijboot de Ria nog even had nagezocht naar de shorty (helaas zonder succes) zijn we vertrokken voor de korte tocht naar Ria de Arosa. Het eerste stukje konden we lekker zeilen, maar toen de wind minder werd, besloten we de motor te starten. Dit gaat doorgaans probleemloos, zodat je een startende motor als iets vanzelfsprekends gaat beschouwen. Gelukkig word je er af en toe aan herinnerd dat dit niet zo vanzelfsprekend hoeft te zijn. Na het omdraaien van de contactsleutel hoorden we ook helemaal niets, er kon zelfs geen klikje vanaf. Onderzoek wees uit dat met de stroomvoorziening niets mis was. Waarschijnlijk zat het probleem ergens in de bedrading of het motorpaneel. Onze dieselmotor is voorzien van turbo, zodat je door alle extra turbo-onderdelen de startmotor nauwelijks kunt vinden. We besloten Daan, de dieselmonteur uit Nederland, via de satelliettelefoon om advies te vragen. Hij probeerde ons uit te leggen hoe we de contactsleutel konden omzeilen, maar dit is nog niet zo makkelijk uit te leggen aan iemand op een hobbelige zee via een slechte verbinding.
Toen Imre met zijn voltmeter aan het zoeken was naar de juiste kabel en Esther vroeg of ze de motor wilde starten, sloeg deze ineens aan. Imre werd door Esther beloond met een uitgebreide lofzang betreffende zijn technische capaciteiten, niet wetend dat het hier waarschijnlijk stom toeval betrof. De rest van de reis noodgedwongen gemotord en we besloten naar de jachthaven van Villagarcia te gaan omdat hier alle faciliteiten aanwezig waren die mensen met een defecte dieselmotor nodig konden hebben. Na zes dagen ankeren lagen we om 19.00 uur weer eens aan een normale steiger met water, walstroom, douches enz. De motor wilde nadat hij was uitgezet niet meer starten en Imre kon niet achterhalen waar het probleem precies zat. We zouden morgen op zoek gaan naar een monteur.
18 augustus 2005 – Villagarcia
Na een korte zoektocht hadden we een dieselmonteur gevonden. Imre vertelde hem over het probleem, maar het Engels van de man was niet geweldig. Toen hij naar de hoofdzekering van de motor keek, vertelde Imre hem dat deze het niet kon zijn, want die had hij al gecontroleerd. Ook al zag de zekering er goed uit, Imre had voor de zekerheid toch nog een andere geprobeerd en toen deze ook niet werkte, was hij zeker dat het probleem daar niet zat. Toen de monteur echter de door Imre gebruikte zekeringen door meette, constateerde hij dat deze beide discutabel waren en na het plaatsen van een derde zekering startte de motor zonder problemen. De oplossing was dus toch eenvoudiger dan gedacht, en de monteur wilde niets van een vergoeding weten.
Aangezien dit niet veel tijd kostte, konden we ’s middags nog met de trein naar Santiago de Compostela. Dit bedevaartsoord met de kathedraal en de vele historische gebouwen is zeker een bezoek waard. We kregen bij de tourist info een 1,5 uur durende wandeling door het oude centrum als aanrader.

19 augustus 2005 – Villagarcia naar Viana do Castelo (Portugal)
Het plan is om in één keer door te zeilen naar Lissabon. Aanvankelijk werden we na het lezen van de tekst in de pilot iets minder enthousiast om ’s nachts door te zeilen: “Clusters of fish pots may be met at intervals along the Portuguese coast, particularly in the northern part and often around the approaches to harbours. Others are laid well out to sea in surprising depths, and although most are reasonably well marked with flags, a minority rely on dark-coloured plastic containers or even branches. A few years ago a yacht had to be freed by the authorities at Viana do Castelo having become entangled, at night and in 30 knots of wind, with a pot float marked by a black flag. Beware!” Nou, daar ben je mooi klaar mee dan. Vlak voordat we vertrokken, hoorden we van de havenmeester, die overigens in Amsterdam heeft gewoond en prima Nederlands spreekt, dat dit allemaal wel meeviel. We zullen wel zien.
De wind komt, zoals hier gebruikelijk is door het hoge drukgebied dat zich meestal boven de Azoren bevindt, uit het Noorden. Dit is geen ideale koers. We zeilen met alleen het grootzeil en omdat de wind van achteren komt, schommelt de boot enorm. Daarbij komt dat het hard waaide, tussen de 25-30 knopen en ’s avonds zelfs meer dan 30 knopen. Ook heb je te maken met een ‘swell’. Dit zijn langgerekte golven die je altijd hebt op de oceaan en die vooral erg hoog kunnen zijn als er ergens op de Atlantische Oceaan een storm is geweest.
In de loop van de dag hebben we berekend dat als we met dit tempo doorgaan, we ’s nachts aankomen in Lissabon en daar hebben we niet veel zin in, dus besluiten we om uit te wijken naar Viana de Castelo en morgen een nacht door te zeilen. Dit bleek mede een goede beslissing, aangezien het windkracht 8 werd. Na twee riffen gezet te hebben, ging de havenaanloop prima.
Van een koele zeewind naar een zwoele landwind. Het bleek een drukbezette haven en toen het al bijna donker was, knoopten we vast aan een Noorse zeilboot die aan de dieselsteiger lag. Hij kwam ons vertellen dat het feest was in Viana de Castelo, maar wij waren bekaf en wilden morgen ook weer om 6 uur vertrekken (ook om havengeld te ontlopen).
‘s Nachts werd Esther om 1:30 wakker van hard geknal. Op zich niet zo vreemd, aangezien we dit langs de hele Spaanse kust al regelmatig hoorden (het schijnt dat vissersdorpen een onderlinge competitie hebben om het hardste vuurwerk te produceren). Maar deze keer hield het wel erg lang aan, dus besloot ze toch even te gaan kijken. Tot haar verrassing bleek het het mooiste vuurwerk te zijn dat we ooit hadden gezien: een langdurige, spectaculaire en oorverdovende show van siervuurwerk!
20/21 augustus 2005 – Viana do Castelo naar Lissabon
Het voornemen om om 6 uur te vertrekken werd uitgesteld aangezien het nog donker was. Uiteindelijk werd het pas licht om 7:30. (In Lissabon bleek dat we de Portugese tijd nog niet hadden aangepast, dus de klok ging een uur achteruit.) Toen zagen we ook dat de hele boot onder de roetdeeltjes zat. We hadden al van het thuisfront gehoord dat de branden in Portugal in het nieuws waren en wij zagen sinds gisteren een rokerige kustlijn. De eerste paar uur werden we bezig gehouden door de vissersstaken te ontwijken. Dit zijn stokken met vlaggetjes eraan om aan te geven waar vissers hun fuiken hebben uitgezet en die zijn her en der verspreid in zee. (Wij noemen ze vissticks.)
De hele tocht naar Lissabon werden we regelmatig gezelschap gehouden door dolfijnen. Vanaf ongeveer 50 meter diepte kun je ze verwachten. Het leek wel alsof ze een show voor ons opvoerden (vooral als je op de punt met je walkman op naar ze kijkt), zo hoog hebben we ze nog nooit zien springen. Bij de wind die we hadden (kracht 6-7) horen zo’n 3 tot 5,5 meter hoge golven en dat vinden de dolfijnen natuurlijk prachtig om vanaf te scheuren. Wat ook opvalt, is dat waar dolfijnen zijn, je ook meeuwen ziet (en we denken een Jan van Gent gezien te hebben). Misschien komen ze op de dolfijnen af omdat die de vis opjagen, of gewoon omdat ze aandacht trekken? Lijkt ons leuk om meer te weten te komen over het gedrag van dolfijnen.
Verder kun je niet zo gek veel doen vanwege de snel opkomende zeeziekte. De golven zijn echt te heftig, je wordt alle kanten op geslingerd. Als je je in een dal van een golf bevindt, zie je het containerschip waar je op af vaart niet. De nacht werd verlicht door een volle maan en een dolfijn die we eens in het maanlicht zagen spelen? De windsterkte bleef tot een uur of 3. Toen we bij Cabo Carvoeiro waren, bleven we met z’n tweeën aan dek vanwege de smalle doorgang tussen rotsen en het verkeersscheidingsstelsel. Al gauw bleek dat de drukte qua schepen meeviel (geen enkel schip gezien). Toen het weer licht werd, bleek dat dit ook te maken kon hebben met het feit dat het toch behoorlijk heiig was en je ze dus gewoon niet kon zien.
Toen we dichter bij de kust kwamen, werd het steeds warmer en vooral toen we voorbij de laatste kaap zeilden (Cabo Raso) werd het heet. Nou, ook Lissabon gehaald! Wel heel bijzonder om hier op eigen kracht naartoe gezeild te zijn. We waren echt superuitgeteld, Esther kon nog net een tosti op voordat zij definitief instortte en Imre kon het waarachtig nog opbrengen om de stad in te gaan met een overheerlijke hamburger in gedachten. Deze wandeltocht duurde iets langer dan gepland, maar na ruim twee uur kwam ook hij weer aan op de boot (de hamburger had hij inmiddels met lopen weer verteerd).
22/23 augustus 2005 – Lissabon
En daar lig je dan met je boot in zo’n geweldige stad. We besloten vroeg op pad te gaan (dit was nog vroeger omdat we een uur eerder leefden) omdat het overdag nogal warm was (35 graden). Na een paar toeristische trekpleisters bezocht te hebben (Castelo Sao Jorge) zijn we neergestort voor een siësta in een park. ’s Avonds hebben we lekker gegeten bij een Italiaans restaurant onder de “Ponte 25 de Abril”.


De volgende dag zijn we naar de Expo-site geweest. Hier is in 1998 de wereldtentoonstelling gehouden en de bouwwerken die hier staan zijn fenomenaal. Wij hebben een aantal uren besteed in het Oceanium, dat erg groots is opgezet. Het was leuk om te zien wat er zoal onder ons door zwemt als we op zee zitten. De Expo-site had nog een aantal andere bezienswaardigheden, zoals een watervulkaan die op elk willekeurig moment een gigantische hoeveelheid water uit kan spuwen. Dit was op zich al leuk om te zien, maar toen er een nietsvermoedende vrouw onder ging staan om haar voeten te koelen, was de volgende uitbarsting voldoende voor een lachbui waar we bijna in gebleven waren.

24 augustus 2005 – Lissabon – Sines
We hadden een lang stuk zeilen voor de boeg, dus bij zonsopgang zijn we uitgevaren. De weinige wind die er was kwam van achteren, dus het was weer niet erg comfortabel. Omdat er tot nu toe nog weinig kapot is gegaan, vonden we het geen probleem dat op de weg naar Lissabon de elektrische stuurautomaat het heeft begeven. Het vervelende gevolg was wel dat we nu bij gebrek aan wind (de windvaanstuurinrichting is dan nutteloos) zelf moesten sturen. De aanwezigheid van dolfijnen verrast ons inmiddels niet meer en we staan er vaak niet eens meer voor op. Maar toen Imre de boot met de hand sturend vooruitkeek, zag hij iets enorms het water uit springen. Het bleek één van de drie reuzedolfijnen te zijn die ons de komende vijf minuten zouden vergezellen. De beesten waren misschien wel 3,5 meter lang en maakten hoge sprongen.

In de haven van Sines hebben we ons anker uitgegooid en Imre probeert dan altijd of er toevallig een draadloos WiFi-netwerk in de buurt is. Voor het eerst sinds Engeland bleek dit het geval te zijn en dit betekent gratis internet! De verbinding was lekker snel en nadat het programma Skype was geïnstalleerd, konden we met behulp van een luidspreker van de marifoon gratis bellen met Nederland. We hebben toen ook een bijna avondvullend gesprek gevoerd met Martin en Marijke.
25 augustus 2005 – Sines
Internetadicts als we zijn, zijn we vandaag blijven liggen om gebruik te maken van onze internetverbinding. We hebben dan ook deze hele prachtige, zonnige, warme dag op deze heerlijke ankerplaats tegenover het strand en het idyllische dorpje erachter besteed achter de computer. Ja, als je een jaar de tijd hebt, vind je dat geen probleem. Bijkomend voordeel voor jullie is dat we de site weer konden updaten.

We hadden via de e-mail wat mensen van de verbinding ingelicht, zodat zij ’s avonds de computer in de gaten hielden om te skypen. Maar helaas, tijdens het updaten van de site werd de verbinding verbroken. We kregen later sms’jes: “Ja, ik ben online, waar zijn jullie?” Echt balen!
’s Nachts lig je hier niet echt rustig. De vissersboten gaan af en aan, en terwijl je weet dat je prima achter het anker ligt, toch word je ’s nachts wakker met het idee van: de boot beweegt… Dus we varen (of het anker krabt)… maar we liggen met z’n tweeën in bed… WIE KIJKT ER UIT DAN?? Dit gaat met regelmaat zo ver dat ik (Esther) er gestrest uitga om te kijken.
26 augustus 2005 – Sines naar Praia da Marela, Sagres
Na de medevertrekkers J&B gedag gezegd te hebben, gingen we ervan door. 60 mijl te gaan, koers 186 graden. 50% op motor, wind werd WNW kracht 3-4. Op de motor varen was niet echt een pretje, aangezien de V-snaar van onze stuurautomaat kapot is. Dus zijn we genoodzaakt om zelf te sturen en dan is vijf uur echt lang!
Samen met het logwieltje, waar we al bijna vier maanden op wachten, wordt de V-snaar vanuit Nederland naar Lagos opgestuurd. Een uur in de mist gevaren. Gelukkig nog wel genoeg zicht om een zeilboot die precies op ons af kwam, op tijd te zien. Trouwens, de eerste keer dat we mist hadden en we bedachten dat, we durven het bijna niet te zeggen aan jullie in dat koude, natte landje, maar we hebben sinds Engeland geen regen meer gehad. En ook de bewolking hebben we na de Golf van Biskaje achter ons gelaten. Snel zeg ik erachteraan dat het water nog ijskoud is en ook de wind maakt het frisjes :).
Na Cabo de Sao Vicente gerond te hebben, kwamen we een Spaanse zeilboot tegemoet en wanneer we ze passeerden begonnen ze voor ons te applaudisseren. Nou, dat is nog eens een leuk onthaal in de Algarve! Het begon in een keer 30 knopen te waaien en met 7,5 knoop snelheid en de ondergaande zon en wind in onze rug stormden wij op onze ankerplaats af.

Er was nog genoeg puf om te koken (gekookte aardappels, witte bonen in tomatensaus en een bal gehakt). We twijfelden of we het ankerlicht aan zouden doen; dit kost namelijk 2 ampère per uur. Maar aangezien het hier aardedonker is en het echt zo’n plek is waar het ’s nachts door andere boten nog prima is aan te lopen, besluiten we hem wel aan te doen. We moeten nog eens op zoek naar een LED-lampje of in ieder geval iets dat minder stroom verbruikt. Gelukkig waait het 20-30 knopen en doet de windmolen zijn best.
27 augustus 2005 – Sagres
Geen plannen voor vandaag en aangezien wij ons altijd uitermate goed vermaken aan boord, blijkt het dat we blijven liggen. Zelfs de dinghy wordt niet opgeblazen, want er is werk aan de winkel:
- Proppen teakdek vervangen
- Lieren smeren
- Monitor stuurautomaat nakijken
- Droogmaken motorruimte
- Luikje natte cel maken
- Kastdeurtjes nalopen (sommige deurtjes gaan telkens open tijdens het zeilen en klapperen dan)
- Stopje maken voor olijfolieflesje (was tijdens de laatste nachtelijke zeiltocht omgevallen)
- Sterke drank bar zeevast maken
- Scheuren buiskap repareren
- Bestanden op cd zetten die bij een eventuele volgende computercrash niet verloren mogen gaan.
Kortom, zo vul je je dag wel.
28 augustus 2005 – Sagres naar Lagos
Om 9:30 varen we weg met 25 knopen aan de wind. Prettig om weer eens een minder lang stuk te zeilen (17 mijl). Ook lekker dat we een vlakke zee hebben. Dit stuk heeft een mooie kust, veel rotsen met hier en daar een klein strandje. Nu de wind zo over het land komt, voelt hij lekker zwoel. Onderweg erg dicht langs de kust kregen babydolfijnen zwemles. Heel langzaam zag je telkens moeder/vader met baby boven water uitkomen. Wij voeren een extra rondje en toen kwamen ze ook voor de boeg zwemmen. Schattig!
We willen in Lagos diesel tanken en boodschappen doen en dan een ankerplekje opzoeken. Meteen water getankt en we zijn weer voorzien voor een paar dagen. De helft van de kust van Lagos bestaat uit rotsen en de helft uit strand. Voor het strand zijn we voor anker gaan liggen. Om 20:15 wordt het al donker! Vroeg hoor.
29 augustus 2005 – Lagos naar Alvor
’s Ochtends in de dinghy naar, volgens de pilot, een van de mooiste stranden van de Algarve. Lekker gezwommen en gezond. Vervolgens naar Alvor, een plaatsje 2 mijl naar het oosten. Dit is een riviermonding die tot een paar jaar terug nog onbegaanbaar was en door het plaatsen van de twee breakwaters (havenhoofden) nu goed toegankelijk is.
We vonden daar een idyllisch plekje tussen de zandbanken. Met het wegvoeren van het water met de ebstroom komen er verschillende zandplaten tevoorschijn, waar de lokale bevolking meteen bovenop duikt op zoek naar schelpdieren en vissen. Ook kun je, zoals wij deden, je eigen zandplaat uitkiezen om te beachballen! ’s Middags het plaatsje bekeken met in voorbedachte rade onze zwembroek/bikini al aan.
Een bezoek aan het strand van Alvor deed ons kennismaken met een hele andere manier van vakantie vieren. We bevonden ons hier midden tussen de o.a. Nederlandse badgasten. Toch is het zonnebaden niet zo aan ons besteed, dus gingen we alweer snel op zoek naar een koud biertje.

30 augustus/1 september 2005 – Alvor
We denken dat het een combinatie is van een aantal dingen, maar in ieder geval is het zo dat we ziek zijn. Hoofdpijn wordt waarschijnlijk veroorzaakt door de overvloedige zon. Verder spelen heftige buikkrampen en spierpijn een rol. Mogelijk dat dit veroorzaakt wordt door salmonella van de kip van gisteravond, het drinken van bevuild drinkwater, of misschien is het een virus. In ieder geval zorgt het ervoor dat we voor pampus liggen. Gelukkig zijn we goed bevoorraad en houden we het wel even uit.